De wapens.
Meest gangbaar kaliber is .177 er bestaat echter geen enkel bezwaar tegen .22 of .25. Er is wel een limiet voor de energie. Dat is eenvoudig om schade aan de silhouetjes te voorkomen. Doorgaans wordt er niet zwaarder dan circa 18FP geschoten.
Omdat bij het NFTI de bovengrens van 20FP zo’n beetje ingeburgerd is geraakt houden we dat aan. Als in de praktijk blijkt dat we een stapje terug moeten kan dat altijd nog.
In het officiële Amerikaanse wedstrijd reglement is sprake van een klasse indeling op basis van het gewicht van het totale wapen. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen veerdruk CO2 of PCP. Evenmin tussen keep/korrel, diopters en telescoop vizieren.
De Targetklasse omvat de 10-meter match buksen.
De Sporter klasse bestaat uit de hunting-stijl geweren met een maximum gewicht van 5kg.
De Open klasse zijn de wat zwaardere jongens met een max. gewicht van 7,25 kg.
Deze klasse indeling is voor ons wat moeilijk te hanteren. Bovendien, gezien de voorgeschreven schiethouding, is een zwaar geweer niet altijd een voordeel. Hetzelfde geldt voor de mini-hubbles met een eigen gewicht van 1 kg en een vergroting van 40 tot 50X.
De telescoopvizieren.
Met het oog op de variabele afstanden is een verstelbaar objectief aan te bevelen. Een vergroting tot zo’n 24X is voldoende voor het spelletje. Het is toegestaan om je vizier op de verschillende afstanden in te stellen door te klikken. Evenals bij FT mag je de afstanden markeren op de turrets. Er is geen voorgeschreven vorm voor de kruisdraad. Duplex, targetdot, Mil-dot zijn allemaal oké.
De Schiethouding.
Hier zit de echte moeilijkheid. De voorgeschreven schiethouding is de zogenaamde “Offhand positie”. Dat betekent geheel vrijstaand zonder enige steun. Niet tegen een boom leunen of tegen de tussenschotten van de schietstand aanhangen.
In de kleinkaliber varianten van het silhouetschieten bestaat nog een varmint klasse waarbij het geweer mag steunen op zandzakken en er zittend vanaf een tafel wordt geschoten. De afstanden zijn bij de kleinkaliber varianten meer dan het dubbele en de targets ongeveer 3 maal zo groot.
De silhouetjes.
Er zijn vier soorten van verschillende grootte die ook op verschillende afstanden van de schietlijn worden opgesteld. Ze staan in series van 5 op rekken.
De kip is 30 mm hoog en staat op een afstand van 18,3 meter(20 yards)
Het varkentje is 38 mm hoog en staat op 27,4 meter(30 yards)
De kalkoen is 60 mm hoog en staat op 33 meter(36 yards)
De ram is 70 mm hoog en staat op 41,1 meter(45 yards)
Spelregels.
Het is de bedoeling te beginnen met het meest links opgestelde silhouet en dan van links naar rechts te werken. Een silhouet buiten de voorgeschreven volgorde omschieten, geldt als een misser. Wanneer er twee banken met dezelfde silhouetjes onder elkaar zijn opgesteld begin je met de onderste rij, daarna de bovenste. Bij 3 of 4 banken is het: links onder, linksboven, rechtsonder, rechtsboven. De silhouetjes zelf zijn voor het gemak genummerd van 1 tot 5.
Afhankelijk van de baan indeling kunnen de rekken worden genummerd en krijg je van de spelleider een reknummer toegewezen. Bij zo’n opstelling kunnen meerdere schutters tegelijkertijd de wedstrijd lopen.
Het is dus niet zo dat je per se moet beginnen met de dichtstbijzijnde en zo verder werkt naar de grootste afstand. Wel geldt een vaste volgorde. Van klein naar groot. Je kunt dus wel van de vierde set(ram) naar de eerste(kip), maar niet van de derde set(kalkoen) naar de eerste. De spelleiding zal bij een beetje grote wedstrijd de nummers ook zo verdelen.
Je loopt een match met z’n tweeën. Een schiet, terwijl de ander de score en de tijd bijhoudt.
Je hebt per bank met 5 silhouetjes 2 minuten en 45 seconden de tijd om ze eraf te schieten. Je mag hiervoor overigens maar 5 schoten gebruiken. Heb je een geweer met magazijn, dan laad je het magazijn met niet meer dan 5 pellets.
De score is eenvoudig. Een X voor raak en een 0 voor mis. Het hoogste aantal X-jes wint.
Een match kan bestaan uit 40, 60 of 80 schoten. Steeds volgens hetzelfde principe worden rekken met 5 silhouetjes opgesteld. Bij een 40 schots match worden 4 x 10 silhouetjes van iedere vorm opgesteld, bij 60 is dat 4 x 15 en bij 80 schoten 4 x 20. Steeds in series van 5.
Nadat alles van de banken afgeschoten is, wordt een vast vuren afgeroepen om het spul weer op te stellen voor de volgende. Bij sommige wedstrijden lopen de deelnemers dan met een spuitbus naar de opstelling om de silhouetjes weer egaal te kleuren.